De nacht doorslapen, een mythe?

Nieuws, Ontspanning

Word je regelmatig midden in de nacht wakker? Geen paniek, een hele nacht in één keer doorslapen is niet noodzakelijk. Wat blijkt: het is juist normaal om ’s nachts een poosje wakker te zijn. Geef er meer aan toe en je zult merken dat je er minder stress over hebt, en dus makkelijker weer inslaapt.

Baal jij als je ’s nachts wakker wordt, omdat je niet in een keer kon doorslapen? Dat is begrijpelijk, want de meeste mensen hebben nog steeds de opvatting dat ’s nachts wakker worden slecht is én vooral ’s nachts zijn we vatbaar voor piekeren over een mogelijk slaaptekort. Helaas heerst nog altijd de hardnekkige opvatting dat we aan één stuk door moeten slapen. Maar wat blijkt, doorslapen blijkt een ‘recent’ fenomeen. Pas de laatste eeuwen zijn we – tegelijkertijd met de introductie van kunstlicht – nachten van acht uur aaneengesloten slaap gaan maken. Hiervoor sliepen we ’s nachts in twee fasen: de eerste en tweede slaap.

Eerste en tweede slaap

Uit historische onderzoek blijkt dat het vroeger volkomen normaal was om in twee nachtdelen te slapen: de ‘eerste slaap’ en de ‘tweede slaap’ of ‘ochtendslaap’.

  • Een paar uur na zonsondergang vielen mensen in slaap. Die eerste fase duurde ongeveer vier uur.
  • Vervolgens was er een periode van wakker zijn, deze duurde ongeveer twee uur. Die tijd besteedde men aan lezen, praten, roken, seks, bidden of zelfs even bij de buren langsgaan.
  • Vervolgens werd er nog vier uur geslapen, de tweede slaapfase/ochtendslaap.

Slaapfases verdwijnen, slaapproblemen verschijnen

Maar langzaamaan werd het steeds ongebruikelijker om ’s nachts even wakker te zijn. Deze trend zette in rond de 17e eeuw, tegelijkertijd met de introductie van (straat)verlichting. Lampen zorgden ervoor dat de nacht niet betekende dat je moest gaan slapen, maar dat je nog wat kon gaan doen. De dag werd kunstmatig langer, en hierdoor veranderde ook ons waak-slaappatroon.

Het leidde ertoe dat begin 20e eeuw niemand meer weet had van de eerste en tweede slaap. Het fenomeen was op dat moment zelfs verdwenen uit de collectieve en medische kennis over slaap. Wel verschenen er – niet toevallig – rond die tijd in de medische literatuur de eerste opmerkingen over doorslaapproblemen, waarbij mensen aangaven moeite te hebben met in één keer acht uur slapen, en zeiden niet meer in slaap te kunnen komen wanneer ze ’s nachts wakker werden.

Wetenschappelijk onderzoek naar doorslapen

Niet alleen de historie spreekt over de twee slaapperioden, ook de wetenschap toont het bestaan ervan aan. Uit onderzoekt blijkt: wanneer mensen geen beschikking hebben over kunstlicht, gaan ze – na een aanpassingsperiode van een paar weken – weer slapen in twee fasen. Het uitblijven van kunstlicht laat ons terugkeren naar het natuurlijke slaappatroon.

Slaapprobleem?

Tegenwoordig proberen we aan één stuk door acht uur te slapen. Lukt dit niet, dan hebben we een slaapprobleem, is de heersende opvatting. Dit ‘slaapprobleem’ kan zichzelf vervolgens in stand houden: als je midden in de nacht wakker wordt en hierover gestrest raakt (balen van wakker worden is ook een vorm van stress), zul je vervolgens minder snel weer in slaap vallen. En dan ontstaat er inderdaad een probleem, want die laatste vier uur slaap heb je wel nodig.

Tips

Wat kan helpen is het besef dat het dus normaal is om ’s nachts even wakker te worden. Je hebt dus geen slechtere nacht gehad dan een ander die acht uur achter elkaar sliep.

Wat kun je doen als je wakker wordt:

  • Herinner jezelf aan het volgende: even wakker worden is normaal. Er is geen probleem, alles is oké. Soms is dit al genoeg om je voldoende te ontspannen en verder te slapen.
  • Ga even uit bed, maar houd de lampen zoveel mogelijk uit.
  • Drink wat warme melk met een theelepeltje honing.
  • Mediteer, bid, doe een ademhalings- of ontspanningsoefening.
  • Lees een boek (met een niet te fel lampje).
  • Is je partner ook wakker? Praat een beetje, of maak het gezellig samen 🙂

Wil je meer natuurlijke slaapomstandigheden creëren? Dat kun je op twee manieren doen. De eerste is jezelf minder blootstellen aan kunstmatig licht naarmate de avond vordert. Zet grote en/of felle lampen uit en kies voor gedempt schemerlicht. De tweede manier is om de temperatuur binnenshuis al wat eerder te laten zakken. Zet de verwarming niet pas uit als je gaat slapen, maar een tijdje daarvoor. Wanneer het gaat afkoelen is dit voor je lichaam het teken dat de nacht zich aandient.

Slaap je acht uur in één blok? Dat is natuurlijk ook prima, de twee slaapfasen zijn niet de béste manier om te slapen. Kijk wat past voor jou, op welke manier jij ’s ochtends met energie opstaat. Wil je meer tips om beter te slapen? Check dan eens dit artikel.

Bronnen:

neon lamp work & play week van de werkstress
De Week van de Werkstress 2019: pleidooi voor bevlogenheid
Meer energie? Het geheim ligt in de nacht

Wellicht vind je dit ook leuk!

Menu
Copy Protected by Chetan's WP-Copyprotect.